Nico de machinist

De meeste jongens willen piloot, brandweerman of machinist worden. Ik wilde graag bij een bank werken, en dat is me ook gelukt. Machinist ben ik alleen in mijn vrije tijd. De treinen hiernaast, op het emplacement Utrecht, heb ik gefotografeerd op 6 maart 1970. Rechts post A.

Zie ook met de machinist op pad.


Nederlandse treinen


 

Treinstel 273 op weg naar de Watergraafsmeer, 17 april 2004. Op de bok van ACTS 1251 in Roosendaal, 4 juli 2004. Foto's door Thomas Boelaars en Rudy Schoonderbeek.


 

Sneek en Leeuwarden, 23 april 2005. Ik ben met de 766 en de 41 meegeweest naar Friesland. Terwijl een groot deel van het gezelschap zich in de 41 perste om van Leeuwarden naar Franeker en weer terug te rijden, maakte ik met de reguliere diesel een slagje Sneek. Even surfen op de glimmende Sik naast het station, en toen rondgekeken in het leuke modelspoormuseum. Daarna ben ik tot Meppel mee teruggesurft op de 766 (foto Thomas Boelaars).


Barneveld, 10 mei 2005. Achter de knoppen van loc 1312, die op weg was van Arnhem naar Amersfoort.


Sprinter, 14 juli 2005. Mensen vragen mij weleens: is dat nou niet moeilijk, zo'n trein besturen? Dan zeg ik: goed op de seinen letten, dan kun je weinig fouten maken.


Koploper, 2 oktober 2008. Mensen vragen mij weleens: machinist, is dat geen zwaar beroep? Dan zeg ik: ik denk dat het een vrij zwaar beroep is. Het rijden op zich is niet moeilijk: je zit in een makkelijke stoel en je hoeft tegenwoordig alleen nog maar een pienter pookje te bedienen. Maar je moet wel voortdurend opletten, en je moet ook tegen onregelmatige diensten kunnen. Vandaar dat ik geen machinist ben geworden: ik heb gekozen voor een rustige en zekere toekomst in de bankwereld. Maar als de kans zich voordoet laat ik mij een ritje niet ontzeggen.


Nijmegen, 26 januari 2008. Mensen vragen mij weleens: zo'n Wadloper, komt daar nog veel bij kijken? Dan zeg ik: een dieselhydraulische aandrijving is een gecompliceerd stukje techniek, maar als machinist heb je daar geen weet van. Vergelijk het met een stadsbus met automatische versnelling. Wel goed op de seinen letten, want je rijdt vaak over enkelspoor. En het wijkt lastig uit als je geen stuur hebt!


Valleilijn, 24 september 2010. Op deze enkelsporige lijn kunnen de treinen elkaar alleen bij stations kruisen. Protos van Connexxion. Kijk ook het filmpje.


Met de Kameel op pad

NS 20, 28 december 2016. Mensen vragen mij weleens: hoe is het om op de Kameel te rijden? Dan zeg ik: dit is een mooie combinatie van bewezen technologie uit de jaren 50 en moderne hulpmiddelen, zoals ATB en communicatie­apparatuur. Van alle gemakken voorzien, maar je voelt dat je nog wel een echte trein onder je kont hebt.


Mijn machinistenstoel

Bunnik, 26 juli 2006. 's Avonds mag ik graag een pilsje drinken in mijn machinistenstoel bij de voordeur. De stoel komt uit een uitgebrande mat.'64 en moet daarom voorlopig buiten staan. De brandlucht is er ondanks een ozon-behandeling nog niet helemaal uit. De stoel (merk Bremshey) kan in allerlei standen worden gezet. Een hele vooruitgang vergeleken met de klapstoeltjes waarmee machinisten vroeger genoegen moesten nemen. Zelfs in de Hondekoppen zat de machinist aanvankelijk op eenzelfde stoeltje zoals je dat ook op de balkons aantrof.


Haarlem, 12 juni 2004. Uitgebrande cabine mat.'64.



Spoorwegmuseum, 14 mei 2011. Plan U of TT?



Op de bok van een stoomloc

Mensen vragen mij weleens: is dat nou niet moeilijk, zo'n stoom­locomotief besturen? Dan zeg ik: vergelijk het met een auto, maar dan zonder stuur. Het moeilijkste, het sturen zelf, hoef je op een locomotief dus niet zelf te doen.

Verder is het ongeveer hetzelfde. Een auto rijdt op benzine, dus je moet zorgen dat er genoeg benzine in de tank zit. Een stoom­locomotief gebruikt water, dus er moet genoeg water in de ketel zitten. Naar de ontsteking heb je bij een auto geen omkijken: daar zorgen de bougies voor. Bij een stoom­locomotief heb je een stoker die voor het vuur zorgt. De brandstoftoevoer regel je bij een auto met het gaspedaal. Bij een locomotief gebruik je de regulateur (grote hefboom in het midden) om de stoom naar de cilinders te voeren.

Een stoom­locomotief heeft net als een auto ook een versnelling: dat is het ganghendel. Dit wordt bediend via een draaiwiel waarmee de stoomtoevoer naar de cilinders kan worden verminderd zodra de locomotief op snelheid is. Met het ganghendel kan de locomotief ook in z'n achteruit worden gezet. Verder zijn er twee remsystemen: een voor de locomotief zelf, en een voor die van de trein. Op tijd remmen kan lastig zijn, maar verder is het appeltje-eitje.

Foto's: loc 44 276 en loc 50 975 van het Deutsches Dampflokomotiv-Museum (17 augustus 2005); Beierse compoundlocomotief S 2/6 in het Verkehrsmuseum Nürnberg (16 augustus 2005).

How to drive a steam locomotive. Door Brian Hollingsworth. Uitg. Astragal Books, London 1983. ISBN 0906525039. Wie dit boek heeft door­gewerkt, weet precies hoe hij een stoom­locomotief gereed maakt voor de dienst, hoe hij er mee weg moet rijden en wat er onder­weg allemaal moet gebeuren.



Utrecht, 30 augustus 2005. Op de voetplaat van loc WD 73755 "Longmoor" (NS 5085).


 

Rotterdam, 21 december 2005. Mensen vragen mij weleens: is dat nu niet ontzettend ingewikkeld, zo'n driecilinder­locomotief? Dan zeg ik: twee of drie cilinders, dat maakt op die Duitse eenheidslocomotieven niet uit, want dat zijn Pruisische machines. En in Pruisen moesten ze niks hebben van compoundlocomotieven, want daarvoor moet je veel te veel investeren in de vakkennis van je machinisten. In Beieren, Oostenrijk en vooral Frankrijk hebben met groot succes compoundlocomotieven dienst­gedaan. Franse machinisten waren vergroeid met hun locomotieven; die konden ze geblinddoekt uit elkaar halen en weer in elkaar zetten. De 01 1075 is gewoon een locomotief met enkelvoudige expansie. Die middelste cilinder hoeft de machinist niet apart te bedienen.


Enkele belangrijke bedieningsorganen van de stoomloc. Linkerfoto: loc 01 1075 in Rotterdam, 21 december 2005. Linksboven het wiel waarmee het ganghendel wordt bediend. Rechtsonder de hefboom waarmee de cilinderkranen kunnen worden geopend en gesloten. Wanneer een stoomloc stilstaat, condenseert de achtergebleven stoom in de cilinders tot water. Wanneer de loc weer gaat rijden moet dat water er uit, omdat anders de cilinders beschadigd zouden raken. Daarom worden tijdens het optrekken van de loc de kranen geopend die zich bij de cilinders bevinden. Het water in de cilinders wordt er door de stoom uitgeperst. Vandaar dat je altijd extra veel stoom aan de voorkant van de loc ziet tijdens het optrekken. Rechterfoto: loc 38 2256 in Venlo, 3 december 2005 (foto Mitchell Bäcker). Elke locomotief heeft twee remkranen: rechtsvoor de treinrem (de doorgaande Westinghouserem), rechtsachter de locomotiefrem.


Beekbergen, 4 september 2011. Op de bok van VSM-loc 50 0073. Mensen vragen mij weleens: is dat niet ontzettend moeilijk, het stoken van een oliegestookte stoomloc? Dan zeg ik: je moet de boel wel in de gaten houden, maar je hoeft niet steeds op te staan om kolen in het vuur te scheppen.


York, National Railway Museum, 24 juni 2008. Mensen vragen mij weleens: is dat nou niet moeilijk om met zo'n Chinese stoomloc te rijden? Dan zeg ik: dit is gewoon een in Engeland gebouwde loc. Alleen de opschriften in de cabine zijn lastig als je geen Chinees leest, maar gelukkig hangen er bordjes bij met de Engelse vertaling.


Hulshorst, 22 maart 2017. Mensen vragen mij weleens: is dat nou niet moeilijk, rijden op een vuurloze stoom­locomotief? Dan zeg ik: eigenlijk niet, want er is geen vuur dat aan de praat moet blijven. Er is dus geen stoker nodig. Belangrijkste is dat je de stoom­voorraad in de gaten houdt, zodat je die op tijd kunt bijvullen. Als je onderweg zonder stoom stil komt te staan, is dat best wel een lastig dingetje.


Overige treinen


Bochum-Dahlhausen, 19 april 2008. Akku-Triebwagen. De bedieningsapparatuur zit verborgen in een soort broodtrommels.


Bad Bentheim, 24 augustus 2009. Loc 101 043 en bemanning zijn gereed om trein IC 143 naar Berlijn te brengen. De man naast de loc ben ik natuurlijk zelf. Maar in dit pak word ik geregeld aangezien voor treinpersoneel. Het wordt tijd dat machinisten en conducteurs weer verplicht een pet dragen!


Luzern, Verkehrshaus der Schweiz, 11 juli 2007. Cabine van SBB-loc 11852. Mensen vragen mij weleens: is dat nou niet moeilijk, zo'n grote dubbellocomotief bedienen? Dat valt wel mee, zeg ik dan. Kijk maar eens hoe weinig knopjes er op zitten. Het zwarte ding boven mijn hoofd is de hendel van de tyfoon. Merk op dat de machinist rechts staat (of zit op zijn klapbankje), terwijl de treinen in Zwitserland links rijden. Deze loc is betrokken geweest bij een grote brand. Hierbij is de bedieningsapparatuur verloren gegaan. Optisch hersteld is de loc naar het museum verhuisd.


Luzern, 11 juli 2007. Uw webmeester op een klassieke Zwitserse trein bij het Verkehrshaus der Schweiz.


Amersfoort, 18 mei 2014. Machinist op de Berenboemel!


Kerkrade, 10 juli 2005. Een O&K-locje waarmee bij het Industrion rondritten werden gemaakt. Het locje is inmiddels verhuisd naar de ZLSM en het Industrion heet nu Discovery Center Continium.



Fotobewerking door Henk Koster, april 2007.



Tekening door Alex Blomsma, 2003. www.blomsma.com



Zie ook:




vorige       start       omhoog