Op het perron

Wat zie ik daar op (of vanaf) het perron?


Den Dolder, 27 april 2003. Dienstverlening in de eenentwintigste eeuw. Twee machines waar je treinkaartjes ("tickets") kunt kopen, en een informatie- annex alarmzuil. De apparaten zijn niet overdekt. Ook is er geen wachtkamer op dit station. Ja die is er wel, maar daar kun je niet meer in sinds het loket is gesloten. Meer automaten.


Bilthoven, 8 juni 2003. Perronmeubilair in de eenentwintigste eeuw. De rode brievenbus zoals die op deze foto is te zien bestaat niet meer. Ze worden allemaal vervangen door strakkere bussen. Die zijn ook rood, maar naar verluidt gaan we straks oranje brievenbussen krijgen. Niets is meer heilig. Rechts een bak van de gratis treinkrant Metro. In het begin waren er geen bakken en werden de krantjes gewoon in stapels op het perron gelegd. Ook zaten de bladen toen nog niet met een nietje aan elkaar. Dat gaf dus nogal wat troep. De krant geeft nu nog steeds troep. Daarbij doel ik vooral op de inhoud. Ik weet niet hoe het met u is, maar ik hou er niet van om als imbeciel te worden benaderd.


 

Breukelen, 22 juli 2003. Aan het loket koop je een kaartje. In de automaat koop je een ticket. En er zijn weleens conducteurs die naar je plaatsbewijs vragen. Maar de enig juridisch juiste term staat op dit bordje: vervoerbewijs. Je hebt het recht gekocht om je te laten vervoeren. Hoe dat gebeurt, op een lekkere stoel of opgepropt op het balkon: je kunt aan je kaartje wat dat betreft geen rechten ontlenen. Tweede foto: Bilthoven, 25 november 2003. Vroeger had je stationschefs, die in of naast hun station woonden en hun territorium constant in de gaten hielden. Tegenwoordig heb je stationsmanagers. Die lopen niet rond over het station, maar zitten achter een bureau in een groot kantoor in Utrecht. In geval van nood kun je 112 bellen. Vroeger had je een perronkaartje nodig als je het perron op wilde zonder in een trein te stappen.


Weesp, 15 juli 2003. De trein komt maar niet, de Metro heb je al uit en je kijkt dus maar eens uitgebreid om je heen. Waarom zouden ze dat onderste stukje bij de bovenleiding geel hebben gemaakt? Had de schilder nog een likje gele verf over? Nee, dat is gedaan om monteurs te waarschuwen dat de bovenleiding hier verdeeld is in secties. Als de ene sectie spanningloos is, kan op de andere sectie nog wel spanning staan. Gevaarlijk punt dus! Je ziet in bovenleidingen ook wel gele vaantjes hangen om te waarschuwen voor dit soort situaties. In Nederland kan vanaf geďsoleerde ladders aan de bovenleiding worden gewerkt zonder dat de spanning eraf hoeft. Bij hogere spanningen, zoals de 3000 Volt in België, lukt dat niet meer. Vandaar dat de NS voor 1500 Volt heeft gekozen. Zie ook het thema bovenleiding. (Sinds 2017 wordt er in Nederland niet meer aan de bovenleiding gewerkt als er spanning op staat.)


De treintaxi

Spoorwegmuseum, 2 juli 2003. De treintaxizuil begon in die tijd al een museumstuk te worden. Over mijn eigen ervaringen met de treintaxi zal ik het later een keer hebben. Ik zit nog in de verwerkingsfase.

 

 

Amersfoort, 27 april 2003. "Kluizen buiten dienst." Maar wie gebruikt ze nog, kluizen? Een van mijn dochters heeft een tijdje in een bonbonwinkeltje gewerkt in de hal van Utrecht Centraal. Op een dag komt er een man met een grote koffer, die in gebroken Nederlands vraagt of zijn koffer een uurtje in de winkel mag staan. Mijn dochter stemt toe, maar belt nadat de man weg is naar huis op om te vertellen dat ze van ons houdt. Het is goed afgelopen, want anders schreef ik dit niet zo op.


 

Luidsprekerzuilen in Bilthoven. Links: type N6 (foto 13 oktober 2004), rechts: het nieuwe type X-6 (foto 19 maart 2005). Meer hierover in het thema omroepberichten.


 

Amersfoort, 5 mei 2005. Het perron is hier verdeeld in vakken met elk een eigen letter. Deze letters corresponderen met de plaats waar rijtuigen in buitenlandse treinen stoppen. Via een bord op het perron kun je te weten komen bij welke letter het rijtuig stopt waarin je een plaats hebt gereserveerd. Bij binnenlandse treinen is iets dergelijks ook wel geprobeerd: in de treinaanwijzers werd dan aangegeven waar de eersteklasrijtuigen zich zouden bevinden. Die pogingen heeft men opgegeven. Een ervaren eersteklasreiziger weet wel waar hij zich moet opstellen. Totdat zijn trein een keer andersom blijkt te staan, dan moet hij zich een weg banen door een paar honderd meter tweedeklasreizigers. Maar je hoort mij niet klagen, ik ben een tevreden treinreiziger.


Hilversum, 30 maart 2005. Kastje waarin lastgevingen voor de machinist kunnen worden gestopt door de treindienstleiding. Bijvoorbeeld de lastgeving dat de trein over "verkeerd spoor" zal worden geleid. Dit kastje wordt niet meer gebruikt, omdat er in Hilversum niemand meer is die er een papiertje in zou kunnen stoppen: de treindienst wordt op afstand geregeld. Treinen kunnen bovendien bijna overal gewoon links rijden, omdat de meeste dubbelsporige spoorlijnen zijn uitgevoerd als "dubbel enkelspoor". En lastgevingen heten tegenwoordig aanwijzingen.


Utrecht Overvecht, 4 november 2004. Vertreksein. De witte lamp gaat branden als het sein veilig is. Zodra de vertrektijd is aangebroken sluit de conducteur de deuren, waarna in de cabine bij de machinist een groene lamp gaat branden: het vertrekbevel. De witte lamp dooft zodra de trein het sein is gepasseerd.

Lees meer over het vertrekseinlicht.


Rotterdam CS, 27 augustus 2004. Overpadbeveiliging. De witte lampen gaan knipperen als er een rijweg wordt ingesteld die het overpad kruist. Dat wil niet zeggen dat er direct een trein aankomt: het personeel wordt alleen gewaarschuwd dat het op moet letten.

Lees meer over deze overpadbeveiliging en andere waarschuwingslampen.


Hectometerpaaltjes zie je niet alleen langs de vrije baan maar ook op perrons. Zoals op het eerste perron in Hilversum (30 maart 2005), waar de spoorlijn naar Utrecht Maliebaan begint bij kilometer 0. Voor meer zie het thema Kilometers en hectometers.


 

Sneek, 23 april 2005 en Hoogkarspel, 20 juli 2005. De rechterfoto is gemaakt door Rienk Mebius, die zich afvraagt of treinen volgens het seinreglement tegenwoordig ook kunnen wandelen.


Leasebakken op Utrecht Centraal (13 juli 2004) en bij het Spoorwegmuseum (14 juli 2005). Vroeger waren er wedstrijden: welke stationschef heeft het mooiste station? Menig vrij uurtje besteedde men aan het opfleuren van perrons en gebouwen. Tegenwoordig besteed je zulke dingen gewoon uit aan een bedrijf dat plantenbakken verhuurt en verzorgt. Deze leasebakken zie je niet alleen op stations maar ook in winkelstraten en andere openbare ruimten. Wel allemaal een beetje hetzelfde, die gerania's (voor de kenner: het zijn pelagonia's). Zie ook het thema Trein & plant.


 

Bunnik, 7 augustus 2006. Theorie en praktijk.


Bunnik, 5 juni 2008. De leuningen van deze bank zijn niet bedoeld om op te leunen, maar om te voorkomen dat dit perronmeubel als slaapbank wordt gebruikt.

Bunnik, 2 juli 2007. Vrouw met 196 mobieltjes.


Gladde perrons

Bunnik, 12 maart 2007. Bij wijze van proef werd een van de perrons 's winters verwarmd met behulp van aardwarmte. In 2011 is deze installatie weer verwijderd.

Köln Deutz, 1 maart 2004. Duits strooigoed. Gladheid kun je ook bestrijden met zand.


Bunnik, 12 juni 2008. Hier heeft men bij wijze van proef een afvalbak op zonne-energie geplaatst. Het zonlicht wordt in deze BigBelly omgezet in elektriciteit, waarmee het afval wordt samengeperst. Inmiddels ook weer verdwenen.


De warmtezuil

Leiden, 15 januari 2009.
Terwijl Poetin met de gaskraan speelt, terwijl minister Cramer eindelijk eens doortastend gaat regeren en de gloeilamp verbiedt, terwijl er steeds meer verzet komt tegen de terrasverwarming ten behoeve van rokende cafébezoekers, komt ProRail met een nieuw energiespeeltje: de warmtezuil. Zodra het een beetje fris wordt kunnen de op het perron wachtende reizigers zich aan deze fors uitgevallen shoarmagrill opwarmen. Voor wie nog weleens echte winters heeft meegemaakt (1963!) ziet dit er natuurlijk belachelijk uit, maar de treinreiziger anno 2009 is nu eenmaal een zeurend mietje geworden. De warmtezuilen zijn ook al op Amsterdam Amstel gesignaleerd.
Foto Govert Schipperheijn.

De warmtezuil kan worden gebruikt als de temperatuur onder de 12 graden zakt. Met een druk op de knop kan het apparaat worden ingeschakeld. Na een paar minuten schakelt het weer uit.


Spoorwegmuseum Utrecht, 24 februari 2016. Elektrische perronkar. Sturen met je voeten, snelheid regelen en remmen met de hand. In de achtergrond het grote blauwe bord uit de stationshal van Utrecht CS. Deze centrale treinaanwijzer, gemaakt door de firma Krone uit Duitsland, heeft 23 jaar (tot oktober 2011) dienstgedaan.


Köln Hbf, 10 juli 2010. Ik vind dit wel een mooi grafisch beeld. Maar wat betekent het allemaal?

  • De lichtbakken linksboven en linksonder zijn Fahrtanzeiger. In onoverzichtelijke situaties, zoals lange perrons, worden deze gebruikt om aan te geven of het uitrijsein veilig staat. Ze zijn een hulpmiddel voor het personeel, geen echte seinen. Een trein mag dus nooit op basis van deze aanwijzer vertrekken: de machinist moet afgaan op wat het uitrijsein aangeeft. De schuine streep van linksonder naar rechtsboven heeft betrekking op het sein dat verderop, in de richting van de kijker, staat. De streep is verlicht als dat uitrijsein op veilig staat. De aanwijzer met de drie lampjes van linksboven naar rechtsonder heeft betrekking op het uitrijsein dat achter de rug van de kijker staat.
  • De driehoekige lichten zijn gekoppeld aan de inrijseinen. Ze worden gebruikt om aan te geven dat er een trein binnenkomt. Afhankelijk van de richting waaruit de trein komt, licht de bovenste of de onderste driehoek op. Dit kan ook in combinatie met een Fahrtanzeiger, als het inrijsein en het uitrijsein beide veilig staan (doorgaande trein).
  • De twee lichtbakken rechts, met drie verticale lampjes, zijn gekoppeld aan de Bremsprobesignale. Ze gaan branden als de remproef geslaagd is, dus als in het eigenlijke remproefsein drie lampen branden.
  • De lichtbak rechtsonder is niet meer in gebruik. Hierin lichtte de letter G op als men op het bagageperron klaar was met de bagage en de expresgoederen.

Al deze lampen waren bestemd voor de perronchef die vroeger het vertreksein gaf. Tegenwoordig is dit de taak van het treinpersoneel. Vergelijk ook het Nederlandse vertreksein.



Instappen maar!

Advertentie van Dior, circa 1960. "Deze creatie in grijs flanel van het huis Dior toont duidelijk, dat knievrij samen kan gaan met elegant."
Om het niet te sexy te maken, is het haar van de dame weggestopt in een soort tulband, waardoor ze ons nogal kwezelachtig aanstaart.

In die tijd waren er ook nog geen Europese regels op het gebied van perronhoogtes. In 1960 moesten rolstoelers maar zien hoe ze in de trein kwamen. In Hilversum bleken in 2011 dat de enkele jaren eerder aangelegde perrons acht centimeter te hoog te zijn volgens 'Brussel'. Dat probleem zou worden opgelost door extra ballast onder de sporen te stoppen.


Voor het goede doel

Northern Rail staff strip off for charity calendar


Zie ook:




vorige       start       omhoog